Rechtspositie van Statenleden

Het Statenlid centraal

De rechtspositie van Statenleden moet krachtens of bij wet geregeld zijn. Dit is geregeld in artikel 96 Provinciewet. Ook in de artikelen 93 tot en met 95 Provinciewet zijn regels opgenomen over de rechtspositie van Statenleden.

In het Rechtspositiebesluit  en de Rechtspositieregeling is de rechtspositie van Statenleden verder uitgewerkt. Op basis van de Provinciewet en het Rechtspositiebesluit hebben Provinciale Staten de bevoegdheid om op een aantal onderdelen dit verder te regelen in een Verordening rechtspositie.

Het IPO heeft hiervoor een modelverordening opgesteld.

Modelverordening Provincies Per 19 April 2019 Versie 3 0 1
PDF – 152,2 KB 683 downloads

Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft een handige pagina met informatie over de rechtspositie van Statenleden. Daar staan ook links naar belangrijke wet- en regelgeving en circulaires over wijzigingen van de rechtspositie.


Statenleden niet langer in wachtstand

Er is veel ophef ontstaan rondom een onderzoek van Binnenlands Bestuur over Provinciale Staten. Een op de vijf Statenleden zou volgens het onderzoek stoppen en nog een kwart twijfelt of ze voor een nieuwe periode willen tekenen. Dat komt overeen met deze periode waarin 60% nieuwe instroom was van Statenleden. Opnieuw zijn de redenen zorgelijk: financiële vergoeding en werkdruk. De discussie rondom de vergoedingen nadert zijn ontknoping. De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel om een Adviescollege in te stellen die de minister adviseert over de rechtspositie van alle volksvertegenwoordigers aangenomen. Hun eerste opdracht is om het onderzoeksrapport van de minister over de vergoedingen van Statenleden als eerste te behandelen. Het is echter nog onzeker wanneer het Adviescollege daadwerkelijk operationeel is.

Statenlidnu vindt dat Statenleden niet nog langer in de wachtstand gelaten moeten worden. Jarenlang is de discussie vooruitgeschoven en geen besluit over gevallen. Het kan niet zo zijn dat de vergoeding van een gemeenteraadslid uit een grote gemeente (€1.800-2.100) zo verschilt van een Statenlid (€1.200). Dit betekent dat inmiddels in meer dan een derde van de gemeenten de raadsleden een hogere vergoeding ontvangen dan een Statenlid, terwijl de tijdsinvestering voor een Statenlid minstens gelijk is zo niet hoger. Nu staan alle lichten op groen en is er alleen een besluit nodig van de minister voor aanpassing van het rechtspositiebesluit.

Statenlidnu hoopt en verwacht dat de Tweede Kamer haar eerdere verzoek wil inlossen door de opdracht te geven om de vergoeding nu te wijzigen en niet langer meer te wachten. Dat doet recht aan de Statenleden die nu dagdagelijks in touw zijn en wellicht nog overwegen om door te gaan én voor nieuwe kandidaten die volgend jaar geworven worden.

De beroepsvereniging zet zich volop in om te zorgen dat er een doorbraak komt. U kunt hieraan bijdragen door uw contacten met Tweede Kamerleden te attenderen op dit vraagstuk.

Massale Exit Statenleden Op Komst
PDF – 723,6 KB 449 downloads

Position Paper Statenlidnu

Statenlidnu heeft voor de Tweede Kamer ten behoeve van een rondetafelgesprek een position paper geschreven over de positie van Statenleden.

20180301 Position paper positie statenleden
PDF – 185,1 KB 1156 downloads

Onderzoek vergoedingen Statenleden

Vorig jaar besloot de minister om opnieuw onderzoek te laten doen naar de vergoedingen van Statenleden. Statenleden zijn gemiddeld meer dan 20 uur per week kwijt aan het Statenwerk waar een vergoeding van € 1.235 euro bruto per maand tegenover staat. Vaak is er sprake van een baan naast het werk als Statenlid waardoor Statenleden verlof moeten nemen, omdat er veel overdag wordt vergaderd, wat leidt tot inkomensverlies. Statenlidnu heeft aangegeven graag concrete stappen te zien, omdat er al veel is onderzocht en de afgelopen 10 jaar weinig is veranderd. Er zijn constructieve overleggen met het ministerie van BZK gevoerd over de argumenten rondom een hogere vergoeding. Die zijn in het onderzoeksrapport van de minister erkend.

Conclusie onderzoek

Statenlidnu is blij met de conclusie in het onderzoek, waaruit blijkt dat er reden is om het niveau van de vergoeding van Statenleden en algemeen bestuursleden van Waterschappen eenmalig aan te passen en in lijn te brengen door onder andere de toegenomen taakzwaarte. Het advies van de onderzoekers daarbij is om als maatstaf voor Statenleden en algemeen bestuursleden te kijken naar de hoogte van vergoedingen van gemeenteraadsleden uit middelgrote gemeenten, waarbij Statenleden een vergoeding op een hoger niveau zouden moeten ontvangen dan algemeen bestuursleden.

Visie

Statenlidnu is hoopvol, omdat het onderzoeksrapport voldoende aanknopingspunten heeft - eveneens alle andere onderzoeken - om nu een definitief besluit te nemen voor een betere vergoeding die recht doet aan de tijdsbesteding en inkomensverlies die Provinciale volksvertegenwoordigers hebben. Juist om onze democratie gezond te houden, is dit van groot belang. Statenleden wachten al lang op een eerlijke vergoeding. Het rapport biedt deze erkenning. Het is nu zaak dat, rekening houdend met de context van deze tijd, dat alsnog snel een besluit genomen wordt in een aanpassing van het bedrag.


Kamerbrief
PDF – 182,2 KB 820 downloads
Onderzoek BZK
PDF – 2,1 MB 808 downloads

Wet adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers

De wet beoogt de instelling van een Adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers. Op 8 juni 2021 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel aangenomen. Alle documenten over de totstandkoming van deze wet en de ingediende moties kunt u teruglezen via onderstaande link.

Update april 2022:

Adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers buigt zich als eerste over vergoedingen Statenleden

De ministerraad heeft op voorstel van minister Bruins Slot van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ingestemd met de benoeming van de voorzitter en leden voor het Adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers. Voormalig SER-voorzitter prof. dr. A.H.G. (Alexander) Rinnooy Kan wordt benoemd tot voorzitter van het college. Het onafhankelijke college gaat advies geven over de arbeidsvoorwaarden van politieke ambtsdragers.

De andere leden zijn:

  • ir. I. (Ingrid) de Bondt (consultant, voormalig dijkgraaf, wethouder en gedeputeerde);
  • mr. T.M. (Gerard) Groten (onafhankelijk voorzitter bij Pensioenfonds Rail & Openbaar Vervoer);
  • prof. dr. M.S. (Mijke) Houwerzijl (hoogleraar arbeidsrecht aan Tilburg University);
  • dr. J.P. (Hans) Vollaard (universitair hoofddocent Utrechtse school voor bestuurs- en organisatiewetenschap, Universiteit van Utrecht);
  • mr. dr. J.P.H. (Johan) Zwemmer (advocaat en partner bij DLA Piper, docent en onderzoeker bij de vakgroep arbeidsrecht Universiteit van Amsterdam).

 Het college kan adviseren over bestuurders en volksvertegenwoordigers van zowel de landelijke overheid als van decentrale overheden. De adviezen kunnen dus onder meer zien op bewindspersonen, Kamerleden, burgemeesters, raadsleden, statenleden, commissarissen van de Koning en leden van de algemene besturen van waterschappen.

Het college brengt advies uit aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en kan daarnaast rechtstreeks de Eerste en Tweede Kamer adviseren. Deze adviezen gaan over de arbeidsvoorwaarden van politieke ambtsdragers, zoals het pensioen, de uitkering na aftreden of ontslag, salarissen en onkostenvergoedingen.

De instelling van het adviescollege komt voort uit de ‘Wet adviescollege rechtspositie politiek ambtsdragers’ die per 1 januari 2022 van kracht is geworden. De benoeming gaat in per 28 april 2022.

Adviesaanvraag vergoeding Statenleden en algemeen bestuursleden Waterschappen

De eerste adviesaanvraag waar het adviescollege zich over buigt, is de vergoeding van Statenleden en Algemeen Bestuursleden van Waterschappen. Voor de zomer moet het advies er liggen vanwege de aankomende periode van kandidaatstelling voor de verkiezingen van Provinciale Staten en de Waterschappen. Medio 2022 zal de minister een definitief besluit nemen. Statenlidnu blijft in gesprek met het ministerie van Binnenlandse Zaken om te zorgen dat de vaart erin blijft.